De boerderij In Nije Dei

De boerderij Landlust, nu In Nije Dei

Lisette Meindersma

De boerderij Landlust, die nu In Nije Dei heet, stamt waarschijnlijk van vóór de achttiende eeuw. In een gedenkboek van De coöperatieve Condensfabriek Friesland wordt hij in 1830 beschreven op een manier dat hij er eeuwen stond. Zekerheid is er echter pas in 1832. Het kadaster is pas ingesteld in 1835. Voor beschrijvingen van percelen en gebouw daarvóór moeten we ons verlaten op de Kadastrale Atlas fan Fryslân uit 1832, uitgegeven door de Fryske Akademy.

De oudst bekende bouwactiviteit van de boerderij is te zien op een kadastrale kaart uit 1835. Daar staat immers een verlenging op getekend, die nog niet voorkomt op de Kadastrale Atlas. Omdat de uitbouw met stippellijnen is aangegeven, mag worden aangenomen dat het pas gerealiseerde uitbreiding van de schuur betrof. Schaal was een toen nog ongekend begrip, maar aan de hand van de huidige maten kan een gooi naar de afmetingen worden gedaan. De ‘oude’ boerderij lijkt immers vierkant en zal dus 21 x 21 meter zijn geweest. De verlenging is dan negen meter lang over de gehele breedte. Opmerkelijk is de schuur naast de boerderij van pakweg 5 x 9 meter. Als die er nu zou staan, zou dat op een deel van de straat zijn.

De percelen 135 [het erf, de huidige fruittuin] en 136 [huis en erf] zijn volgens de Kadastrale Atlas fan Fryslân resp. 660 en 1.400 vierkante meter groot. Dat is ongeveer het formaat anno 2003. Het verschil zit ‘m in de Idsegahuister Vaart, die over het huidige perceel liep.

Vijftig jaar later is de situatie niet ingrijpend veranderd. Op een kaart uit 1885 zijn de kadastrale nummers wederom gewijzigd: 1877 is de voortuin, 2729 de gebouwen en 1363 de achtertuin. Qua bebouwing is er wèl een opmerkelijke verandering. Ter hoogte van het huidige oprijpad staat aan de kant van de Boppesteech, ongeveer voor de huizen nummer 19 en 21 van dit moment, een redelijk grote schuur. Dirk Steringa, wiens ouders tot eind zeventiger jaren in de boerderij een agrarisch bedrijf runden en die zelf in één van de bedsteden in de opkamer is geboren, was dat de stalling voor de paard en sjees. Een schatting is dat die 5 x 10 meter groot was. Ook op latere kaarten staat deze schuur getekend.

Bijvoorbeeld op de kaart van 1889, die waarschijnlijk is gemaakt omdat door verandering van de oppervlakte c.q. grenzen van het perceel de kadasternummers weer eens werden gewijzigd. Het hele perceel heeft dan nummer 2729. Maar er is ook iets anders. Aan de voorkant, naast het voorhuis, staat een uitbouw. Wat dat was is onduidelijk. Het kan eigenlijk niet meer dan een opslagplaats zijn geweest. Het steekt een meter of vier uit en laat tussen het voorhuis en de zijmuur een ruimte van een tweetal meters.

De bewoners zullen er niet tevreden mee zijn geweest. Op de kaart van 1922 is de uitstulping tenminste al weer verdwenen. Daar wordt ook 

wordt vervolgd?